Beginsituatie en situering
In de derde opleidingsfase Bachelor Secundair Onderwijs, Project Kunstvakken zal de student zijn kunsteducatieve basiscompetenties verder verbreden en verdiepen. Voor de student ligt de klemtoon van de stage in een educatieve dienst van een gesubsidieerde kunst- of cultuurorganisatie op het creëren en realiseren van een zelfstandig ontwikkeld kunsteducatief, participatief project. Het accent ligt op innovatief en kunstzinnig durven werken waarbij nieuwe werkvormen en vernieuwend materiaal worden gecreëerd, uitgeprobeerd en geëvalueerd. In het derde jaar PKV werkt de student mee als een zelfstandig, volwaardig lid van een team.
Opbouw
De PKV student kiest zelfstandig een stageplaats bij een gesubsidieerde kunst- of cultuurorganisatie (museum, theater, dansgezelschap, CC, GC, …). Of in een partnerproject met een school (kleuter-, lager-, secundair-, volwassenen-, deeltijds kunst-, of buitengewoon onderwijs). De student loopt 30 dagen stage (7u./dag) of 210u.
Tijdens de eerste periode van de stage verkent de student de beginsituatie en de werking van de organisatie. De student observeert gericht en neemt als volwaardig medewerker deel aan de dagelijkse werking van de organisatie. Daarnaast werkt de student in dialoog met de mentor zijn/haar projectvoorstel met bijhorend draaiboek volledig (schriftelijk) uit. De student krijgt de mogelijkheid zijn/haar competenties te verbreden en verdiepen. Tijdens de tweede periode ligt de nadruk voornamelijk op de realisatie en evaluatie van het nieuwe project van de student. Daarnaast zal de student als medewerker deelnemen aan lopende projecten en de publiekswerking binnen de organisatie ondersteunen.
Vakgerichte stagecompetenties:
De student:
- Implementeert zelfstandig een artistiek project binnen een culturele organisatie waarbij verschillende artistieke vormen in interactie gaan.
- Creëert een verbindend en participatief klimaat met een publiek.
- Zet gericht presentatievormen in.