Stage 9

Stage 9 staat voor het OPO persoonlijk stagetraject. Dit OPO omvat twee weken keuzestage, een maatschappelijke stage, een project #FAB4+1 of het project Amsterdam en het behalen van een EHBO-attest.  Deze stages vinden plaats in diverse uitdagende leeromgevingen waarbij de expertise van studenten zich verder kan ontwikkelen en waarbij deze nieuwe ervaringen hen tot sterkere leraren in de klas en op school kunnen maken.

De keuzestage (weken / uren) wordt gepland in onderling overleg met de betrokken partners in functie van de kalender van de stagiair (lesvrije momenten). Deze stage kan doorheen het gehele academiejaar gepland worden. Er worden in de kalender ook stageweken voorzien eind april – begin mei. Ten laatste midden mei moet de keuzestage zijn afgerond.

Voor de keuzestage kiest de stagiair autonoom zijn stageplaats(en). Het gaat om een breed aanbod van organisaties die elk een specifieke doelgroep en eigen aanpak hebben.  Dit kan zowel binnen als buiten de schoolmuren. Deze stage verbreedt, naast de stages in het secundair onderwijs, de pedagogische en onderwijskundige ervaringen van de student. De stagiair kan kiezen tussen één stage van twee weken of twee stages van één week. Deze stage is niet noodzakelijk vakgebonden. Hij/zij kan kiezen tussen BuSO, OKAN, Immersie, Basiseducatie, NT2, Centrum Leren en Werken, alternatieve onderwijssystemen (eigen keuze in Vlaanderen voor voorgaande voorstellen) of de derde graad van het basisonderwijs. Tijdens de startdagen stellen verschillende Brusselse partners zichzelf voor tijdens een stagecarrousel.  Ook uit dit stageaanbod kan de stagiair kiezen.  Studenten PO kunnen kiezen voor een stage Deeltijds Kunstonderwijs. Huiswerkbegeleiding of remediëringslessen gelden niet als keuzestage.  Door het maken van een  bewuste keuze kan de stagiair zijn/haar eigen pedagogische en / of didactische talenten uitdagen om zichzelf verder te ontplooien. Hij/zij leert leeractiviteiten aan te passen aan een specifieke beginsituatie van een doelgroep in een nieuwe specifiek onderwijsgerelateerde context. Het vraagt van de stagiair een open en constructieve houding om de doelgroep te leren kennen en om samen te werken aan een gemeenschappelijk doel.

Tijdens de maatschappelijke stage willen we de stagiair aanmoedigen om jongeren op een andere manier extra leerkansen te bieden, 

Het project Amsterdam is een vak – en grensoverschrijdend project in samenwerking met de Hogeschool Amsterdam. De studenten verkennen elkaars onderwijssysteem, scherpen hun onderzoekscompetenties aan en werken een vakoverschrijdende activiteit uit.  Er worden letterlijk en figuurlijk grenzen verlegd. Interculturele competenties worden verdiept.

Vanuit de hogeschool zijn  er voor de keuzestage geen specifieke opdrachten. De stageplaats kan in onderling overleg met de stagiair de inhoud / opdrachten van de stage zelf bepalen.

De inhoud kan voor elke stagiair verschillend zijn gezien de eigenheid en specifieke eigen  pedagogische en didactische aanpak van elke stageplaats.

Bij een aantal stageplaatsen kan de stagiair lesgeven aan een nieuwe doelgroep. Eén week keuzestage bestaat uit 12 uur wanneer er effectief wordt lesgegeven en de lessen thuis moeten worden voorbereid. Voor dit pakket maakt de student zelfstandig  lesvoorbereidingen. Dit kan aangevuld worden met een aantal observatie-uren.

Bij andere stageplaatsen participeert de stagiair aan de dagdagelijkse werking van de organisatie.  Eén week keuzestage bestaat in deze context uit ongeveer 32 uur . De voorbereiding gebeurt  op de stageplaats en/of wordt in hoofdzaak door de stageplaats aangeboden. De stagiair dient concreet aan de slag te gaan met het reeds ontwikkeld materiaal.

Het is niet de bedoeling van deze stage om de stagiair volledig zelfstandig aan het werk te zetten bij bv.  het ontwikkelen van didactisch materiaal. Samenwerken vinden wij belangrijk.

Bij de keuzestage wordt de stagiair begeleid door een stagebegeleider van de stageplaats én één toegewezen stagebegeleider van de opleiding. De stagiair overlegt een mogelijk stagevoorstel met de stageplaats en beschrijft de specifieke doelen, opdrachten, stageplanning en verwachtingen van de stageplaats in het document ‘projectvoorstel’.  Voor het OPO persoonlijk stagetraject wordt er door de hogeschool één contactpersoon aangeduid. De stagiair bespreekt zijn /haar projectvoorstel met de contactpersoon. Deze  bewaakt de inhoud van de stage en vult het voorstel aan met concrete verwachtingen (inzake reflectie, voorbereidingen, logboek …) vanuit de hogeschool en keurt het projectvoorstel al dan niet goed.

De stagiair brengt de organisatie op de hoogte van de contactgegevens van de contactpersoon. De stageplaats kan de contactpersoon van de hogeschool contacteren bij verdere vragen. Er is geen stagebezoek gepland door de opleiding.

#Fab4+1, de maatschappelijke stage en het project Amsterdam worden begeleid door de verantwoordelijken van dit project.

De stagiair plant na de keuzestage een afspraak met de mentor van de stageplaats om de gehele stage te bespreken in functie van de kerncompetenties. Hij/ zij bereidt dit gesprek voor door het document ‘feedbackdocument keuzestage’ in te vullen. Hij / zij toont via een zelfevaluatie aan hoe hij in de specifieke stagecontext aan de kerncompetenties heeft gewerkt.

De stagiair  bezorgt dit verslag minimum één dag voorafgaand het gesprek aan de mentor met wie hij/zij een gesprek heeft. De mentor en de stagiair bespreken samen het verslag en het verloop van de stage. De mentor vult het verslag desgewenst aan met feedback.  De mentor formuleert vanuit het gesprek en de vooropgestelde doelen een conclusie over de keuzestage.

Deze zelfde werkwijze van zelfevaluatie wordt ook vooropgesteld bij de evaluatie van het project Amsterdam, #FAB4+1 en de maatschappelijke stage.

De stagiair  heeft  midden juni een gesprek met de stagebegeleider van de hogeschool om het OPO persoonlijk stagetraject te bespreken en te evalueren. 

De stagiair bereidt dit gesprek voor door te reflecteren over hoe hij/ zij  zichzelf  in de verschillende contexten van dit OPO heeft uitgedaagd  en hoe hij/zij verder vorm heeft gegeven aan zijn beroepsidentiteit.

Student en begeleider bepalen op basis van alle feedbackverslagen samen een punt voor het persoonlijk stagetraject. De stagiair verwerft hierdoor eigenaarschap over zijn evaluatie. Het document ‘Eindevaluatie persoonlijk stagetraject’ wordt samen ingevuld.

De stagiair LO-AV neemt het OPO did. practica 3.2 op en voert de opdrachten uit volgens de leidraad: didactische practica 3.2 

Bij de keuze van het project en de naschoolse activiteit kan er gekozen worden om de vakkencombinatie te implementeren in de opdracht: bv. huiswerkbegeleiding, voeding en gezondheid (student LO-biologie), ICT coördinatie, …