Doel

Een student van het 3de jaar heeft in de loop van de opleiding heel wat pedagogische en didactische vaardigheden verworven. Op het einde van het derde jaar wordt verondersteld dat hij de basiscompetenties van een beginnende leraar bezit.

De verwachtingen voor een student van de derde opleidingsfase voor de verschillende leergebieden kan je hier verder nalezen.

Doel stage eerste leerjaar

Talentstage: 1 week actieve stage in het eerste leerjaar

Schoolstage: 1 week actieve stage in het eerste leerjaar

De actieve stage in het eerste leerjaar wordt uitgevoerd voor 27/11/20, zodat de student de didactiek van het aanvankelijk rekenen, lezen en schrijven leert toepassen.

Studenten die zowel de talentstage als de schoolstage opnemen, plannen de stage in twee aaneensluitende weken.

Doel stage Buitengewoon Onderwijs

Tijdens de stage worden volgende doelstellingen nagestreefd.

 

  • Zich proberen in te leven in de belevingswereld van kinderen of adolescenten met een handicap.
  • Waardering tonen voor de inzet van alle betrokkenen bij het begeleiden van kinderen in de school.
  • Kunnen samenwerken met alle betrokkenen.
  • Inzicht verwerven in de specifiek pedagogisch-didactische begeleiding van deze kinderen (en hierdoor de verschillen met het gewoon (basis)onderwijs ontdekken).
  • Kennismaken met de verschillende therapieën die in de school aan bod komen.
  • Inzicht verwerven in de manier waarop deze verschillende therapieën aansluiten bij het klasgebeuren.
  • Via een actieve manier van participeren aan het pedagogisch en didactisch gebeuren in de klas, de school (en eventueel de leefgroep) inzicht krijgen in de werking van een Bu.O.-school.
  • Inzicht proberen te verwerven in de specifieke problematiek en begeleiding van een bepaald kind.
  • Een beginnende relatie kunnen opbouwen met dit bepaalde kind en er de eigenheid van proberen te ontdekken.
  • Via het geleidelijk aan begeleiden van activiteiten of het geven van lessen een beginnende vaardigheid verwerven in de pedagogisch-didactische omgang met één of meerdere kinderen van een klas of groep

Wat de studenten tijdens deze stage kunnen en mogen doen, hangt in grote mate af van de specifieke eigenheid van de stageschool. Daarom zal de stagementor met de student een stageplan opmaken, waarin de hierboven geformuleerde doelstellingen zo optimaal mogelijk worden gerealiseerd.Van de studenten wordt dan verwacht dat zij na een kennismaking geleidelijk actief aan het klas- en schoolgebeuren participeren, dit in samenspraak met de mentor.

Doel Zorgstage

Tijdens de stage worden volgende doelstellingen nagestreefd.

 

  • Zich proberen in te leven in de belevingswereld van kinderen met een specifieke zorgvraag.
  • Inzicht proberen te verwerven in de specifieke problematiek en begeleiding van een bepaald kind.
  • Inzicht verwerven in de specifiek pedagogisch-didactische begeleiding van kinderen met een zorgvraag.
  • Inzicht verwerven in het zorgbeleid van de school en de daarbij horende organisatie.
  • Waardering tonen voor de inzet van alle betrokkenen bij het begeleiden van kinderen in de school.
  • Kunnen samenwerken met alle betrokkenen (kinderen, collega’s, directie, ouders, therapeuten, GON-begeleiders, CLB-medewerkers,…) .

De stagementor maakt met de student een stageplan op, waarin de hierboven geformuleerde doelstellingen zo optimaal mogelijk worden gerealiseerd.

Van de studenten wordt dan verwacht dat zij de taken van de zorgleerkracht zo goed als mogelijk overnemen.

Doel begeleiden openluchtklas

Tijdens de openluchtklassen zal de student ernaar streven geplande opvoedings- en onderwijsactiviteiten met verantwoordelijkheidszin ter harte te nemen.
De student draagt een verantwoordelijkheid die gedeeld wordt met de leerkracht van de lagere school. Deze verantwoordelijkheid kan bestaan uit begeleiding van één of meer avondactiviteiten, excursies, ontspanningsmomenten voor de leerlingen, ….

Een evenwichtige taakverdeling tussen mentor en student is wenselijk.