Voorbereiding

Tijdens de weken voorafgaand aan de ingroeistage volgden de studenten de module zorg op school. Hierin wordt aandacht besteed aan wat zorg in de basisschool eigenlijk inhoudt, zowel vanuit de theorie als vanuit de praktijk. In deze module worden colleges afgewisseld met gastsprekers en krijgen de studenten de opdracht om vanuit het kader van handelingsgericht werken (HGW) een leerling met een specifieke onderwijsbehoefte op te volgen.

In de derde fase van de leerlijn ‘identiteit in diversiteit’ leren de studenten aan de hand van twee opdrachten om als lid van een schoolteam toekomstgericht na te denken over en te participeren aan diversiteitsbeleid op schoolniveau.

Voor de aanvang van de stage observeert de student minstens een dag in de stageklas.

Algemene doelstellingen van de observaties tijdens de ingroeistage:

 

  • De beginsituatie van de leerlingen zo goed mogelijk leren kennen.
  • De gebruikte methodes bestuderen (m.i.v. de gehanteerde differentiatiemethoden).
  • Het didactisch verloop van de lessen observeren en noteren (fasering, didactische werkvormen, leermiddelen, …).
  • Kennismaken met leerling(kind)volgsysteem.
  • Kinderen begeleiden tijdens individueel werk.
  • De individuele verschillen tussen de leerlingen observeren.
  • Kinderen met specifieke noden observeren en dit bespreken met de stagementor (of zorgleerkracht, …).

De student post deze observatieverslagen in LINK. Een print ervan komt in de stagemap.

Tijdens de observatiedag(en) maakt de student duidelijke afspraken met de mentor.
Lees meer…

 

De lesonderwerpen worden door de mentor(en) opgegeven. Er kan een thema of een project uitgewerkt worden. De student geeft alle lessen van het lessenrooster.

 

De bibliotheek van de hogeschool bezit ongeveer alle methodes (handboeken) die gebruikt worden in de scholen. Toch vragen wij de mentor, indien mogelijk, een exemplaar ter inzage mee te geven aan de student.

Onze studenten maken, al dan niet in opdracht van de stagementor, heel wat werkbladen voor de leerlingen (oefeningen, teksten, kaarten, individualisatiefiches,…). De student overlegt met de mentor wat en wanneer in de stageschool kan gekopieerd worden.

De student in de derde opleidingsfase gebruikt het weekrooster in Scoodle en vult het volledig en correct in.  Een print van dit weekrooster komt in de stagemap.

Hij geeft eventuele wijzigingen altijd én tijdig door aan alle betrokken partijen nl. praktijkpedagoog,  bezoekende vakdocent en mentor.

Hij post het stagerooster minstens een week voor het begin van de stage in LINK en bezorgt het ook via mail aan de praktijkpedagoog en de bezoekende vakdocent.

De voorbereiding gebeurt thuis of in de hogeschool. Indien nodig kunnen de studenten de stageschool contacteren om verdere uitleg bij hun stageopdrachten te vragen of om nog enkele activiteiten bij te wonen.  Tijdens de voorbereidingsweek bespreken de studenten  met de praktijkpedagoog het verloop van de voorbereidingen en hun Kompas (MyCompass).

Studenten van het derde jaar bereiden alle lessen voor in een digitale agenda binnen Scoodle (www.scoodle.be).

Dit is een heel toegankelijk programma dat de studenten veel praktische voordelen biedt. Ook tijdens hun latere loopbaan als leerkracht kunnen de studenten dit programma gebruiken. 

De student volgt voor het invullen van de Scoodle-agenda de richtlijnen die tijdens de contactmomenten hierover werden meegegeven.  De diverse stappen van het leerproces moeten duidelijk aangegeven worden.

Hier vind je de handleiding om met Scoodle aan de slag te gaan. 

Hier vind je meer afspraken over de stagemap en de voorbereidingen.  Lees meer…

De lesonderwerpen worden door de mentor(en) opgegeven. Er kan een thema of een project uitgewerkt worden. De student geeft alle lessen van het lessenrooster.