Doel

De actieve stage in het eerste leerjaar duurt twee weken tijdens de maand oktober, zodat de student de didactiek van het aanvankelijk rekenen, lezen en schrijven leert toepassen.

De student geeft de lessen zoals voorzien op het lessenrooster en dit in afspraak met de stagementor. Bijzondere aandacht besteedt hij aan het aanvankelijk lezen, rekenen en schrijven. Tijdens de observatie- en voorbereidingstijd bestudeert hij daarvoor grondig de handleidingen.

Voor rekenen en lezen houdt hij rekening met individuele verschillen en probeert hij gedifferentieerd te werken.

Het is de bedoeling om de stagiair meer zelfstandigheid te geven in de hele organisatie van het klasgebeuren: de opstelling van het week– en lessenrooster, het inbouwen van tussendoortjes, de inkleding van de klas, de remediëring, de klasschikking, het verbeterwerk, opgeven van huistaken voor de leerlingen, invullen agenda van de leerlingen, het overnemen van de toezichten en het invullen van het aanwezigheidsregister.

Op het einde van de opleiding dient de student te functioneren als startbekwaam leraar.

Meer info over de te verwerven vaardigheden en attitudes in het derde opleidingsjaar leest u hier