Stage 3-1 is een opleidingsonderdeel alleen voor studenten die de stage van het derde jaar opnieuw opnemen.
Binnen onze opleiding kennen we drie profielen van studenten: de reguliere studenten (DAG-studenten), de afstandsstudenten (HAO-studenten) en de studenten werkplekleren (LIO-studenten).
DAG-studenten
HAO-studenten
LIO-studenten
Hieronder lees je de beginsituatie van elk profiel.
De DAG-studenten zijn studenten die overdag en hoofdzakelijk op de campus onze opleiding volgen. Het zijn in het algemeen studenten die meteen na het secundair onderwijs of na een heroriëntatie in het hoger onderwijs de lerarenopleiding starten.
Ook VDAB-studenten zijn DAG-studenten. Afhankelijk van hun vooropleiding volgen ze de opleiding volledig of verkort.
De studenten die via afstandsonderwijs onze opleiding volgen, organiseren hun studies volledig zelfstandig. Voor hen plannen we sessies na de werkuren omdat zij hun opleiding doorgaans combineren met een job en vaak ook met een gezin. Deze sessies vinden deels online, deels op de campus plaats.
Studenten die werkzaam zijn binnen het lager onderwijs en over een bachelor/master diploma beschikken volgen de opleiding als LIO (leraar in opleiding).
Zij volgen steeds een verkort traject en stromen voor stage meteen in Praktijk 3 (opleidingsjaar 2) in.
De student die je begeleidt, fungeert als schoolassistent. Je vindt hier wat we precies onder ‘schoolassistent’ verstaan.
De student heeft reeds stage-ervaringen opgedaan in de voorbije opleidingsfase(n). Op regelmatige basis (zowel voor als na de stage) reflecteert hij ten aanzien van zijn stageproces.
In de laatste fase van de opleiding is het de bedoeling om de stagiair geleidelijk meer zelfstandigheid te geven in de hele organisatie van het klasgebeuren: de opstelling van het week– en lessenrooster, het inbouwen van tussendoortjes, de aankleding van de klaswand, de remediëring, … Op het einde van de opleiding dient de schoolassistent te functioneren als startbekwaam leraar.