leerlijn reflectie
Binnen het stageverloop is het essentieel dat de student kritisch leert terugblikken en zijn professionele handelen leert bijstellen gedurende de drie opleidingsfasen. De leeruitkomsten en focuspunten vormen daarbij het ijkpunt om tot reflectie te komen.
De leerlijn reflectie gaat uit van reflectief ervaringsleren en coaching. Tijdens de stages krijgen studenten de mogelijkheid om ervaringen op te doen in echte onderwijssituaties en daarop te reflecteren. Uitgangspunt daarbij is dat deze ervaringen tot vragen en leerbehoeften leiden en naar bevestiging van sterke punten kan evolueren. Naarmate studenten meer stage-ervaring opdoen, zullen ze meer specifieke eigen vragen hebben en zal het reflectief ervaringsleren toenemen. We coachen studenten in hun leerproces.
Reflecteren op de werkervaringen is essentieel en gebeurt in de opleiding op diverse manieren: individueel, met de mentor of leergroepbegeleider (fase 1) of een duo van stagecoaches (fase 2 en 3) in feedback-, reflectie- of coachingsgesprekken of met andere studenten in de vorm van supervisie.
We werken binnen de leerlijn reflectie van oorspronkelijk (sterk) gestuurd naar meer autonoom reflecteren.
In fase 1 maakt de student kennis met de reflectiecyclus van Korthagen en met coaching. De student zet deze reflectievaardigheden ook in tijdens zijn stage in functie van een verdere groei.
Vanaf fase 2 leert de student te reflecteren op zijn stage aan de hand van een aantal door de opleiding voorgestelde focuspunten en persoonlijke leerdoelen. Hij reflecteert hierover ook samen met zijn stagecoaches tijdens een tussentijds coachingsgesprek en samen met de mentor en één stagecoach tijdens het begeleid triadisch gesprek op het einde van fase 2.
Op het einde van de opleiding organiseren we voor de student zijn profileringsgesprek waarbij hij nadenkt over verdere uitdagingen en sterktes in het kader van levenslang leren.
In volgend schema wordt de leerlijn reflectie nader toegelicht. Klik op het niveau om de concrete stappen voor dat niveau te lezen.
spilfiguren binnen het stageverloop
- De (klas)mentor (van de ankerschool) geeft de student onmiddellijke feedback en ondersteunt de student bij het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van lessen. De directie, stageschoolcoördinator of schoolmentor kunnen een extra begeleidende rol opnemen
- De leergroepbegeleider (van de hogeschool voor fase 1, 2 en 3) heeft de verantwoordelijkheid voor een leergroep en bezoekt en coacht de student op stage. Hij is het eerste aanspreekpunt voor wat het stageverloop van de student betreft. Hij begeleidt daarnaast het stage- en reflectieproces van de student.
- De stagecoach (van de hogeschool voor fase 1, 2 en 3) bezoekt en coacht de student op stage. De stagecoach bouwt een persoonlijke band met de student op.
- De vaklector (van de hogeschool) begeleidt de student bij het voorbereiden en uitdenken van lessen voor een specifiek leergebied.
- De stagecoördinator (van de hogeschool) volgt de coördinatie van de stage op en voorziet op vraag van de student, van een stagebegeleider van de hogeschool of van de ankerschool een mogelijk aangepaste begeleiding. Bij problemen op stage is de stagecoördinator het aanspreekpunt.
AI in relatie tot leeractiviteiten en evalueren
GenAI is niet meer weg te denken uit de maatschappij en dus ook niet uit het onderwijs. Het is overal aanwezig en voor iedereen toegankelijk. We erkennen deze evolutie, wat betekent dat ook onze evaluatiepraktijk moeten aansluiten bij deze nieuwe realiteit.
Om de rol van AI binnen leeractiviteiten duidelijk te maken aan de studenten gebruiken we de AI-assessmentscale van Furze. Deze schaal bestaat uit 5 ingangspoorten die opgesteld zijn in een circulair model . Binnen elke ingangspoort gelden afspraken over de mate waarop de studenten AI mogen inzetten.
Welke afspraken gelden bij de verschilende ingangspoorten vind je hier.
Voor stage kiezen we voor ‘geen AI’ en ‘AI-FULL’:
- Geen AI in de reflecties: de reflecties worden volledig zonder AI-assistentie voltooid. Je zal uitsluitend vertrouwen op je kennis, begrip en (reflectie) vaardigheden.
- AI-FULL: AI kan worden gebruikt als een ‘co-piloot’ om aan de vereisten van de opdracht te voldoen, waardoor een collaboratieve benadering met AI mogelijk wordt en creativiteit wordt bevorderd. AI mag gedurende de hele opdracht gebruikt worden om eigen werk te ondersteunen en de student(en) hoeft niet te specificeren welke inhoud door AI is gegenereerd. De student is verantwoordelijk voor het eindproduct en voor de inhoud die te allen tijde moet kunnen worden toegelicht/verantwoord.