Vrijwillige stage

Een vrijwillige stage is een studiestage die een student op eigen initiatief loopt. De stage maakt geen deel uit van het individueel studieprogramma (ISP); er kunnen dus geen credits verworven worden voor de stage. 

Er zijn verschillende goede redenen om een vrijwillige stage te lopen: om kennis om te zetten in de praktijk, om al wat ervaring op te doen, om al eens te proeven van het werkveld, om te ontdekken of de opleiding – en bij uitbreiding het beroep – iemand ligt, om kansen op slagen te vergroten eens in een volgend academiejaar stage wordt opgenomen in het ISP, enz.

Bij een vrijwillige stage gaat de student effectief zelf aan de slag. Het houdt dus meer in dan alleen ‘aanwezig’ zijn of observeren. We verwachten dat een student zelf het leerproces in handen neemt en dat alle leerkansen worden benut. De student gaat hierover in overleg met de stageplaats en -mentor en bezorgt de opleiding een overzicht van hoe de vrijwillige stage wordt aangepakt.

LEERVRAAG: Je wil zien hoe een bepaald aanbod dat je in de theorie zag aangebracht wordt in de praktijk. Je voelt je minder zeker bij het zelf uitdenken en uitvoeren van een bepaald aanbod en wil eerst nog eens een goed voorbeeld zien. 

Leerkansen:

  • Je vraagt de mentor om een bepaald aanbod te brengen in de klas. Jij observeert hoe de mentor het aanpakt en bespreekt nadien met de mentor de opbouw van de activiteit, de keuze van de doelen, de organisatie, enz. Gebruik voor de bespreking de vakdidactiek van het betreffende leergebied, het model van Van Gelder (onderwijskunde), de didactische principes (onderwijskunde), het EHBO-boekje, enz. Denk eerst zelf na en toets nadien af bij de mentor.  
  • Of probeer een activiteitenfiche uit te schrijven van de activiteit die je observeerde bij de mentor. Bespreek nadien of die overeenkomt met wat de mentor in gedachten had. 

LEERVRAAG: Je wil sterker worden in het uitwerken en begeleiden van een bepaald aanbod. Je wil in de praktijk oefenen wat je in de theorie zag. Je wil werkpunten uit het verleden aanpakken en wegwerken.

Leerkansen:

  • Je vraagt of je zelf een bepaald aanbod mag brengen in de klas. Je maakt hiervan de voorbereiding en voert die nadien uit. Je hoeft daarom niet de volledige klaswerking over te nemen. Focus op de activiteit waar je ’t moeilijk mee hebt. Reflecteer eerst zelf en ga nadien in gesprek met de mentor.

  • Breng vooraf jouw mentor de hoogte van wat je precies wil inoefenen en waarover je gerichte feedback wil. Op die manier kan de mentor jouw leerproces het best ondersteunen.

  • Je kan op verschillende manieren oefenen: verschillende activiteiten binnen één leergebied, verschillende activiteiten binnen verschillende leergebieden, activiteiten waarin een chronologische samenhang zit en die je achtereenvolgend uitvoert, eerst focus op een krachtig basisaanbod – vervolgens verdere focus op differentiatie, één activiteit begeleiden versus de volledige klaswerking leiden, eenzelfde aanbod bij verschillende leeftijdsgroepen, enz.

  • Neem de tijd om eenzelfde aanbod te herhalen: gebruik eens een andere groeperingsvorm, andere materialen, andere werkvormen, op een ander moment van de dag, op een andere plaats in de klas, enz. Ga na wat het effect is op de kinderen én op jezelf.

LEERVRAAG: Je wil werken aan stemgebruik, expressie, speelsheid, kordaatheid, enz. Je voelt je hierover nog onzeker of weet niet goed hoe je dit aan moet pakken. Je wil verder experimenteren met stemgebruik, expressie, speelsheid, kordaatheid, enz. Je wil jouw grenzen verleggen. 

Leerkansen:

  • Je observeert hoe jouw mentor het aanpakt, in verschillende contexten (verschillende leergebieden, activiteiten, groeperingsvormen, werkvormen, enz.). Je observeert hoe andere collega’s het aanpakken. Je gaat hiervoor in verschillende klassen en bij verschillende mentoren observeren.

  • Je gaat in gesprek over (klas)afspraken, over uitdenken en inzetten van routines, over do’s en don’ts, enz. Je wisselt tips uit.

  • Je imiteert. Kort na een observatie voer je zelf een soortgelijke activiteit uit. Je imiteert daarbij de mentor. Op die manier voel je welk effect deze manier van aanpak heeft op de kinderen én op jezelf. Je imiteert bij een ander soort aanbod, waarbij je transfer maakt tussen de context die je observeerde en de context waarin jij opereert.

  • Je reflecteert. Leg verbanden tussen wat je de mentor ziet doen en de theorie die je in de opleiding zag. Leg linken over OPO’s en opleidingsfasen heen. Denk na over jouw eigen onderwijsstijl: welk soort leraar wil je worden? Wat kan je hiervoor ondernemen? Wat deed je al? Wat had effect? Wat wil je in de toekomst uitproberen?

  • Je voert uit in teamteaching. Door samen met de mentor een aanbod vorm te geven en uit te voeren, sta je er nog niet helemaal alleen voor. Er is veiligheid: de mentor kan jou enthousiast meeslepen en je daardoor grenzen doen verleggen, tegelijkertijd staat de mentor aan jouw zijde mochten zaken anders uitdraaien. Kortom: je hebt niets te verliezen!
    Door te teamteachen kan je bovendien het aanbod grootser maken. Zo kan je écht jouw grenzen verleggen.

  • Je voert zelfstandig uit: je test een aanbod uit en vraagt aan de mentor om jou te observeren en nadien gerichte feedback te geven.

De vrijwillige stage wordt administratief gecoördineerd door Stefan De Clerck (stefan.declerck@odisee.be). Zij volgt het administratieve luik op. Een stageschool of een student kan bij haar terecht met vragen en bedenkingen. 

De vrijwillige stage zelf wordt uitgevoerd in een basisschool naar keuze, bij een leeftijdsgroep en mentor naar keuze. De stage gebeurt onder toezicht en leiding van een stagementor die de student aan- en bijstuurt, feedback geeft en de student wegwijs maakt in wat de verschillende beroepstaken inhouden. 

Een vrijwillige stage kan onder de verzekering van Odisee indien voldaan is aan een aantal strikte voorwaarden, nl.: 

  • de student is ingeschreven met een diplomacontract voor minstens 27 studiepunten;
  • de vrijwillige stage heeft een duidelijke band met de huidige opleiding aan Odisee;
  • de vrijwillige stage is onbezoldigd;
  • de vrijwillige stage mag het academiejaar niet overschrijden en mag in België niet langer dan 60 dagen duren;
  • de stagecoördinator van de opleiding gaat akkoord met de vrijwillige stage en ondertekent de stageovereenkomst van Odisee.