5L/6L – Begeleiding en evaluatie

1. Begeleiding door de mentor

De mentor formuleert feedback t.a.v. de stage-agenda. De mentor schrijft tijdens de lessen feedback (positieve punten en leerpunten) in het stageschriftje van de student o.b.v. de kijkwijzer (zie Handleiding bij de begeleiding en evaluatie stage 3-1 en stage 3-2). Hij bespreekt ook dagelijks de lessen na met de student.

Na de didactische stage in het leerjaar naar keuze vindt een triadisch gesprek plaats tussen de student, de mentor van het leerjaar naar keuze (met eventueel de mentor van het eerste leerjaar) en de stagecoach. De student bereidt dit gesprek voor a.d.h.v. een zelfreflectie, die de student beschrijft in een ‘Verslag stage 3-1’. Voor dit gesprek vult de mentor dit document verder aan. Nadien volgt een triadisch gesprek met alle betrokkenen bij de stage.

Verwachtingen t.a.v. de mentor

Geef tussentijds feedback t.a.v. de agenda en de lesrealisaties.

Vul na afloop van de stage het ‘Verslag stage 3-1’ aan met persoonlijke feedback.

Neem deel aan het triadisch gesprek.

Verwachtingen t.a.v. de student

Bereid het gesprek voor a.d.h.v. een zelfreflectie, die je opneemt in zijn ‘Verslag stage 3-1’.

Breng het proces-verbaal mee naar het gesprek met de mentor en laat het handtekenen door de mentor, met vermelding van datum en tijdstip. De student handtekent ook het proces-verbaal.

Laad het proces-verbaal op na afloop van het gesprek in je digitaal portfolio en bespreek je het ‘Verslag stage 3-1’ vervolgens met je stagecoaches.

2.  Begeleiding door de hogeschool

Voor de didactische stage van het leerjaar naar keuze wordt gestreefd naar één bezoek (door één van de stagecoaches). Van iedere stagebijwoning maken de stagecoaches een lesverslag. Bij problemen, kan de hulp van het stagebureau worden ingeroepen (zie procedure in het stagevademecum).

Na de didactische stage in het leerjaar naar keuze vindt een triadisch gesprek plaats tussen de student, de mentor van het leerjaar naar keuze (met eventueel de mentor van het eerste leerjaar) en de stagecoach. De student bereidt dit gesprek voor a.d.h.v. een zelfreflectie, die de student beschrijft in een ‘Verslag stage 3-1’. Voor dit gesprek vult de mentor dit document verder aan. Nadien volgt een triadisch gesprek met alle betrokkenen bij de stage. De schriftelijke neerslag van het triadisch gesprek wordt bewaard in het digitaal stageportfolio van de student en wordt meegenomen in de evaluatie van de stage.

Verwachtingen t.a.v. de student

Licht de stagewebsite toe aan de mentor.

Staaf afwezigheden tijdens een stageperiode met een doktersbewijs of met een ander attest.