Didactische practica

De stagiair doet zijn eerste praktijkervaringen  op in  een Brusselse stageschool, in een heterogene practicumgroep, begeleid door twee stagebegeleiders. Hij/zij leert er gericht observeren en oefent andere basisvaardigheden, zoals enthousiasmeren, leiding geven, instructies geven, doelgericht vragen stellen en informatie presenteren.

De begeleiding gebeurt in co-creatie met verschillende betrokkenen:

  • Medestudenten: werken samen lesmateriaal uit, geven elkaar feedback bij de oefenmomenten, sturen de voorbereiding bij en gaan aan de slag met co-teaching
  • De schoolmentor: schetst de schoolcultuur en het pedagogisch project
  • De vakmentoren: geven feedback bij de actieve lesmomenten aan de hand van ‘het feedbackdocument mentor didactische practica’
  • Duo stagebegeleiders: schetsen het thema, begeleiden de oefeningen en de microteaching

De practicumbegeleiders  beoordelen de competenties van de practica. Deze beoordeling bestaat uit een overleg waarvan het resultaat gebaseerd is op de observaties van de student tijdens de practica en de feedbackdocumenten van de mentor tijdens de practica.

In het laatste practicum integreert de student de verschillende basisvaardigheden aan de hand van een presentatie over zijn ervaringen van de practica en stage 1. Hij / zij toont op deze wijze aan in welke mate hij/zij de kerncompetenties van de practica heeft verworven.  Deze presentatie heeft een doorslaggevende invloed bij de eindbeoordeling.

De competenties worden beoordeeld op een schaal van 1 – 5 (van onvoldoende tot zeer goed). Wanneer er minimum één breekpunt een score haalt van 1 of 2, worden de didactische practica < 10 beoordeeld. Het totaalpunt wordt via overleg tussen de twee practicumbegeleiders bepaald.

Breekpunten stagecompetenties:

  • De stagiair enthousiasmeert leerlingen.
  • De stagiair weet een publiek te boeien via zijn/haar lichaamstaal, stemgebruik, elementen in de presentatie en selectie van relevante inhoud.
  • De stagiair kan een inhoud visueel en gestructureerd brengen.
  • De stagiair durft in interactie treden en de leiding nemen.

Bij een onvoldoende op het observatieverslag wordt de stagiair doorverwezen naar de taalcoach.

Wanneer het observatieverslag niet wordt afgegeven, worden de practica met NA (niet afgelegd) beoordeeld.

Aanwezigheid tijdens de practica is verplicht. Bij afwezigheid dient een gewettigd bewijs te worden afgegeven aan het secretariaat van de lerarenopleiding. Slechts bij een gewettigde afwezigheid wordt er een inhaalopdracht voorzien (kan slechts 2 x wettig afwezig zijn). Bij een gewettigde afwezigheid wordt er een inhaalopdracht/inhaalpracticum voorzien. Wanneer een practicumopdracht niet wordt volbracht, dan worden de ‘Didactische Practica’ als NA (niet afgelegd) beoordeeld. Ook het niet naleven van afspraken met stageschool én/of hogeschool wordt als een breekpunt gezien. Bij een niet slagen op dit OPO is er een tweede zittijd voorzien in EP3 (augustus).

De stagiair LO-AV volgt voor didactische practica algemeen vak (AV) enkel het specifiek traject hieronder beschreven.

zie ook ECTS-fiche didactische practica

Situering en opzet:

Samen met de medestudenten LO-AV worden met de vaste stagebegeleider van de hogeschool in 3 werkcolleges de basisvaardigheden specifiek voor AV ingeoefend. Deze vinden plaats op campus Dilbeek (voor de planning wordt verwezen naar het uurrooster). De student is hierbij verplicht aanwezig.

De opdrachten voor dit didactisch practicum beogen het verwerven van een aantal algemene en specifieke AV lerarencompetenties, gericht op de doelgroep secundair onderwijs. Deze worden toegelicht door de docent. Daarnaast krijg de student ook de nodige informatie over de opdrachten uit te voeren tijdens stage 1 in het secundair onderwijs: Observatieopdrachten AV stage 1 .

Deze stage loopt gelijktijdig met de LO- stage 1 in het basisonderwijs

De begeleiding gebeurt door:

  • Medestudenten: werken samen lesmateriaal uit, en geven elkaar feedback bij de oefenmomenten (microteaching).
  • De stagebegeleider: schetst het thema, begeleidt de oefeningen en de microteaching en voorziet een vorm van videofeedback.

Evaluatie:

Tijdens de practica wordt een actieve constructieve houding verwacht. Bij niet deelname aan het didactisch practicum is een gewettigde afwezigheid vereist (onmiddellijk docent verwittigen en attest indienen bij ombudsdienst).

De stagiair wordt beoordeeld op zijn actief constructieve bijdrage tijdens de practica en de kwaliteit van de uitgevoerde opdrachten.

Voor dit OPO is er een examenkans mogelijk in het tweede semester.