Voorbereiding

Er is in de stageplanning één dag vrijgemaakt om in de klas waarin de student stage zal doen te observeren. Waar hij participerend kan observeren, doet hij dit. Het geeft vaak een beter beeld van de beginsituatie van de kinderen. Tijdens deze dag vragen de studenten ook naar hun lesonderwerpen voor de komende momenten teamteaching maar ook voor de effectieve stage zodat zij vanaf deze momenten kunnen starten met hun voorbereidend werk. Studenten starten graag tijdig met hun voorbereidend werk. Zij maken dit moment ook afspraken over de aanpak en hun rol tijdens de lesdagen teamteaching.

Observatie in een klas 3e graad:

  • maandag 25 januari 2021 (voormiddag observatie/ namiddag participerende observatie)

Op deze observatiedag meldt de student zich eerst aan bij de directie.

Bij een eerste contact stelt hij zich kort voor. Eens in de klas kan de student de observatieopdracht uitwerken (zie document ‘observatieopdracht in de stageklas’)  en in gesprek gaan met de mentor.

Laad je observatieverslag op in LINK voor de aanvang van de stage en voeg een print ervan toe aan je stagemap. De observatieopdracht wordt vooraan in de stagemap gestoken.

Laad dit observatieverslag uiterlijk na de momenten teamteaching op in LINK onder de naam: NAAM.VOORNAAM_Observatieopdracht_in_de_stageklas_xx_xx_202x”

 

Er zijn per stageperiode een aantal momenten van teamteaching met de stagementor. (Zie stageplanning alternatieve planning maart)

De dagen voorafgaand aan de effectieve stageperiode vervult de student aanvankelijk de rol van assistent en op een gegeven kantelmoment voorafgaand aan die effectieve stageperiode wordt de klasleerkracht assistent van de student. De rol (zie planning) die de mentor of student inneemt zal voor aanvang en tijdens de stage duidelijk besproken moeten worden.

De lesonderwerpen worden door de mentor opgegeven en zeker ook besproken met de student.

De voorbereidingen van de teamteachingsmomenten worden tijdig doorgegeven aan de mentor (in onderling overleg). (formulier lesvoorbereiding)

Eén lesvoorbereidingen per halve dag teamteachingsmoment waarvoor de student zelf de verantwoordelijkheid draagt, wordt ook opgeladen in LINK voor aanvang van deze momenten.

Teamteaching voor de studenten met een alternatieve stageplanning in november voor de stage tweede graad:

  • Volledige dag teamteaching met de mentor: dinsdag 9 februari 2021 (de student assisteert de mentor tijdens de voormiddag maar bereidt de namiddaglessen zelf voor en  voert deze lessen ook uit. Hij/zij kan de mentor vragen om te assisteren maar moet hierover duidelijke afspraken maken. Tijdens de namiddag kan er een coach op bezoek komen.)
  • Volledige dag teamteaching met de mentor: dinsdag 2 maart 2021
    (de student bereidt de lessen van de voormiddag zelf voor en voert de lessen zelf uit. Hij/zij kan de mentor vragen om te assisteren. Op dit moment kan een coach op bezoek komen. Namiddag: student is assistent)
  • Volledige dag teamteaching met de mentor: dinsdag 9 maart 2021
    (de student bereidt de lessen van de voormiddag zelf voor en voert de lessen zelf uit. Hij/zij kan de mentor vragen om te assisteren. Op dit moment kan een coach op bezoek komen. Namiddag: student is assistent)
  • Halve dag teamteaching met de mentor: dinsdagnamiddag 16 maart (de student bereidt de lessen van deze namiddag zelf voor en voert de lessen zelf uit. Hij/zij kan de mentor vragen om te assisteren. Op dit moment kan een coach op bezoek komen.)

De studenten geven tijdens het eerste teamteachingsmoment een briefje gericht aan de ouders, mee aan de leerlingen van hun stageklas.

Hierin stelt de student zich voor en geeft hij aan dat hij gedurende een week in de klas van de zoon of dochter stage komt lopen. Eventuele taken vanuit de hogeschool kunnen beknopt toegelicht worden.

Dit briefje wordt per stageperiode in LINK opgeladen en dit telkens de dag na het eerste teamteachingsmoment.

Aan elke stageperiode gaat een voorbereidingsperiode vooraf. De studenten met een alternatief stagetraject werken aan hun stage wanneer er voor hen geen lessen gepland zijn. De jaarplanning geeft aan wanneer deze studenten kunnen voorbereiden. Deze studenten werken zelfstandig maar kunnen steeds ondersteuning vragen aan de praktijkbegeleiders en de vakdocenten.

De student maakt voor deze periode een afspraak met de praktijkpedagoog

Tijdens een individueel contact met de praktijkpedagoog worden vragen beluisterd, het weekrooster besproken en voorbereidingen doorgenomen, e.a.

Ze contacteren eveneens per mail of via TEAMS voldoende vakdocenten en spreken deze aan over hun voorbereidende werk. Hiervoor sturen ze hun gerichte leervraag of leervragen over de ene of andere voorbereiding, lesfase, organisatievorm,…  door naar minstens 1 vakdocent(en). Deze vakdocent kan hen op een bepaald moment uitnodigen voor een gesprek over de leervraag of geeft feedback per mail of via TEAMS.

Vragen die plots opkomen mogen zeker ook gesteld worden.

Vraag tijdig hulp aan de praktijkbegeleiders om te ondersteunen bij het voorbereiden. Spreek zelf af wanneer je hen kan contacteren.

De praktijkbegeleiders plannen een feedbackgesprek met de student na deze stageperiode.

De voorbereidingen worden met zorg opgemaakt. Vaardigheden die de student EBA LO doorheen semester 1 en 2 heeft geleerd mag hij niet overboord gooien.

Ook nu formuleert hij doelstellingen met zorg, omschrijft hij de voorkennis van de leerlingen, raadpleegt hij eindtermen en leerplannen en werkt degelijke reflecties vooraf en achteraf uit.

Document: Kijkwijzer sjabloon lesvoorbereiding

 

 

De student bezorgt het volledig en correct ingevulde stagerooster per mail aan de betrokken praktijkbegeleiders en dit ten laatste op 15 maart.

Dit stagerooster mag altijd vroeger doorgestuurd worden. De student gebruikt daarbij het sjabloon van de hogeschool. Zorg daarbij dat alles op 1 pagina past en concretiseer ook de lesonderwerpen. Start met de eerste lesdag (ook al is dit donderdag) om het stagerooster in te vullen. Afwijkende data moeten duidelijk aangegeven worden.

  • Maandag 15 maart 2021: doorsturen stagerooster derde graad

Het correcte stagerooster wordt op de aangegeven momenten ook opgeladen in het stageprogramma, LINK. Gebruik het aangeboden sjabloon.

Wanneer het stagerooster niet op 1 bladzijde wordt aangeboden dan wordt dit teruggestuurd met de vraag om het te herwerken.

De student bevraagt zich tijdens de contacten met de stageschool welke eisen gesteld worden aan het invullen van de schoolagenda van de leerlingen. De studenten volgen hier de aanwijzingen van de mentor.

De student houdt rekening met de planvaardigheden van de leerlingen.

Eventueel kunnen ze zelf ook een huiswerkopgave of lesopdracht voorzien. De studenten stellen ook vragen over een digitaal aanbod, platform, …

In je stagemap zitten de volgende gegevens:

De stagemap met voorbereidingen is de hele stage ter inzage achteraan in de klas in functie van stagebezoek.
Het welslagen van een stage hangt grotendeels af van een goede voorbereiding: duidelijke en overzichtelijke lesschema’s, degelijke en vooraf ingevulde werkbladen, overzichtelijke bordschema’s, goede observaties tijdens de contacten met school en stageklas…

Stage lopen in een lagere school vraagt heel wat voorbereidingswerk.
Om de kosten voor onze planeet én voor jezelf zo laag mogelijk te houden, vragen we dat je  onderstaande punten in acht neemt.

  • Print de lesvoorbereidingen indien mogelijk recto verso (of zorg voor een verkleinde weergave). Je kan de voorbereidingen ook printen op gerecycleerd papier.
  • Gebruik geen plastic mapjes om de lesvoorbereidingen of observatieverslagen op te bergen.
  • Print de volledige bladzijde niet opnieuw voor kleine wijzigingen. Verbeter of vul aan met balpen.
  • Start niet elke lesfase op een aparte bladzijde. Beperk de witruimtes.
  • Print zelfgemaakte werkbundels niet in kleur. Print indien mogelijk recto verso. Voorzie geen voorblad waar alleen een tekening op staat.
  • Wanneer je een digitaal bord ter beschikking hebt: gebruik dit zeker om tekeningen, foto’s, … in kleur te tonen. Print niet nodeloos tientallen tekeningen.

Elke student dient binnen de stage de lessen R.K.-godsdienst te verzorgen op basis van het leerplan. Studenten die omwille van het levensbeschouwelijk karakter van hun stageschool niet aan deze verwachting kunnen voldoen, melden dit na het eerste contact met de stageschool aan hun praktijkpedagoog en de docent godsdienst van de opleiding. In samenspraak wordt nagegaan op welke manier de student een vervangtaak doet in het kader van de stage. Centraal in deze vervangtaak staat een christelijk-levensbeschouwelijke thematiek die op een open en verruimende manier didactisch wordt uitgewerkt en zo mogelijk ook gerealiseerd, met respect voor en in overeenstemming met het levensbeschouwelijk karakter van de stageschool.

 

De student bundelt alles op een overzichtelijke en verzorgde manier in een stagemap. Hij legt de gestructureerde stagemap met stagecontract, stagerooster, reflecties achteraf en voorbereidingen met bijlagen achteraan in de klas zodat de mentor en de praktijkbegeleiders alles vlot kunnen raadplegen.

Op de eerste stagedag worden alle lessen in de map aangeboden. De werkbladen of eventuele bijlagen voor de laatste twee stagedagen kunnen ten laatste op de derde stagedag nog toegevoegd worden.

Alle aangeboden voorbereidingen blijven in de stagemap.

Observatieverslagen, twee lesvoorbereidingen per dag, reflecties achteraf, … worden eveneens tijdig opgeladen in LINK.

Ten laatste drie lesdagen voor aanvang van de stage worden de twee voorbereidingen per stagedag (één per dagdeel) en ook de observatieverslagen opgeladen. (observatieverslag => opladen na laatste moment teamteaching)

Afspraken:

  • Geef je stagemap met de voorbereidingen t.e.m. de derde stagedag aan de mentor af, minstens drie lesdagen voor het begin van de eerste les. Zo krijgen de mentoren de kans om de lesvoorbereidingen na te kijken en ze met jou te bespreken.
  • In samenspraak met de mentor kunnen voorbereidingen gemaild worden: je neemt die beslissing niet zelf.
  • De eerste stagedag, bied je alle lessen voor de hele stageperiode in de stagemap aan.
  • Laad per stagedag twee lesvoorbereidingen van verschillende leergebieden in LINK op en dit minstens drie lesdagen voor de aanvang van de eerste lesdag.

Tijdens de momenten teamteaching, waarvoor de student de verantwoordelijkheid draagt, kan er een praktijkbegeleider van een andere praktijkgroep een coachend bezoek brengen.

Tijdens elke effectieve stageperiode komen de twee praktijkbegeleiders van jouw praktijkgroep op stagebezoek.

Beide praktijkbegeleiders kunnen beslissen om nog een extra stagebezoek af te leggen of om een andere docent te vragen om een bijkomend bezoek te doen.

De bezoekende praktijkbegeleider maakt een verslag van de bijgewoonde les(sen). Dit wordt na de lesobservatie met de student besproken.

Voorbereiding, uitvoering (al dan niet in teamteaching), optreden, taalgebruik en attitudes worden hierbij geëvalueerd volgens de basiscompetenties.

De student zal met de didactische suggesties onmiddellijk rekening houden en ze zeker ook toepassen in de volgende stages.

De stageverslagen van de praktijkbegeleiders worden na de stagenawerking aan de studenten bezorgd.

De bezoekende praktijkbegeleiders kunnen als score zeer zwak, zwak, voldoende, ruim voldoende, goed of zeer goed, geven..

Document:  Verslag stagebezoek

Ondersteunend document:  Gedragsindicatoren voor de leraar in opleiding volgens de basiscompetenties

Vermits de mentor de student voortdurend aan het werk ziet, kan hij/zij hem heel wat feedback geven. De student probeert rekening te houden met de gekregen feedback.

Als hij/zij wat te weinig feedback krijgt, dan kan de student beleefd om feedback over de lessen en activiteiten vragen.

Een middel om de feedback per gegeven les of per stagedag te structureren is het stageschrift. Het wordt door de student aan de mentor aangeboden. De mentor kan via dit stageschrift aanbevelingen geven bij de geobserveerde lessen of activiteiten.

Het stageschrift is verplicht om aan te bieden en ligt achteraan in de klas ter inzage. Het wordt de studenten bij het begin van het academiejaar bezorgd door de hogeschool. Na elke stageperiode bezorgen de studenten dit stageschriftje aan hun praktijkbegeleiders. Ze geven dit af tijdens de stagenawerking. (zie planning)

  • Begin je e-mail met: Beste (Dag) mevrouw of meneer + de naam van de mentor.
  • Sluit je e-mail af met “(Met) vriendelijke groeten” gevolgd door je voor- en familienaam op de volgende regel.
  • Beperk het mailverkeer: stuur niet om de haverklap een mail. Bundel je vragen en stuur die dan door.
  • Plaats geen berichten over de stage op Facebook en Twitter. Denk eraan: wat je op Facebook plaatst, kunnen meer mensen lezen dan je denkt. Blijf op dit vlak discreet en professioneel. Denk ook aan de privacy van jouw leerlingen.
  • … .

Afwezigheden tijdens de stage en inhaalmomenten

De student dient elke afwezigheid onmiddellijk te melden aan het secretariaat van de hogeschool, aan de directeur en de mentor van de stageschool, aan de praktijkpedagoog en de bezoekende docenten.

Elke afwezigheid wegens ziekte wordt gewettigd met een doktersattest. Als de student gewettigd afwezig is of zijn stagelessen of proefactiviteit om een andere reden niet kan geven, dan zullen de stagebegeleiders van de hogeschool naar andere geschikte data zoeken. Elk niet uitgevoerd stagemoment wordt op een ander moment ingehaald maar niet tijdens verplichte momenten op de campus als bijvoorbeeld de stagenawerking of verplichte lessen, e.a.

Inhaalmomenten voor of na de stageperiode

Activiteiten zoals sportdag, toneel, … , gepland tijdens de stageperiode worden eveneens ingehaald. De student neemt tijdens de stageperiode wel deel aan deze activiteiten.

De student brengt de praktijkpedagoog tijdig op de hoogte van alle wijzigingen.

Er kan samen gezocht worden naar andere geschikte data om deze stagemomenten in te halen.

Inhaalmomenten mogen niet doorgaan tijdens verplichte momenten op de campus als bijvoorbeeld de stagenawerking of verplichte lessen, e.a.

  • Maak tijdens de observatiedag(en) duidelijke afspraken met je mentor. Volgende punten kunnen daarbij eventueel ter sprake komen:
    • al dan niet begeleiden van de leerlingen naar de klas
    • kopiëren
    • gebruik van materiaal
    • vergoeding voor aangekocht materiaal
    • invullen klasagenda
    • klasschikking
    • ochtend- en avondgebed
    • geld ophalen
    • plaats waar je kan eten
  • Laat voor de stage nog iets van je horen, indien er veel tijd ligt tussen de laatste observatie-, of contactdag en de eigenlijke stage.
  • Wees steeds tijdig aanwezig (minstens een kwartier voor het begin van de lessen).
  • Ga aan het begin en op het einde van de stage bij de directeur langs. Als er nog medestudenten op dezelfde school staan, probeer dan samen te gaan.
  • Groet ook alle andere personen die je ontmoet op school (toekomstige collega’s, ouders,…)
  • Indien je kopieën mag nemen op school, breng dan tijdig je originelen naar je mentor (niet de dag van de stage zelf).
  • Ook andere materialen, media of lokalen dien je tijdig aan te vragen (TV, computer, klokjes, materiaal voor muzische opvoeding, turnzaal,…).
  • Beperk telefonisch contact met je mentor zoveel mogelijk.
  • Spreek je mentor en de bezoekende docenten aan met mevrouw of meneer – zeker in het bijzijn van derden.
  • Informeer je over de geldende school- en klasregels en hou je daaraan. Lees er het schoolreglement van je stageschool op na. We denken daarbij aan regels in verband met kledij, gsm, piercings, snoepen, roken, petjes… Bedenk dat je een voorbeeldfunctie vervult.
  • Draag je verantwoordelijkheid van bij het binnenkomen op de school tot op het moment dat je ze verlaat.
  • Spreek altijd AN op school, ook tegen je medestudenten.
  • Hanteer de geldende coronamaatregelen