Stageperiode 2

Passend in het persoonlijk leerproces van de student heeft hij de keuze tussen:

  • gewone stage in een kleuterklas, dit mag in dezelfde klas zijn als de eerste stageweek.
  • differentiatiestage zorg – gekoppeld aan het volgen van het keuzevak zorg. Een differentiatiestage zorg is het overnemen van de taak van de zorgleerkracht wat betreft het aanbieden en begeleiden van activiteiten aan de kinderen.
  • muzische stage – gekoppeld aan het volgen van het keuzevak muzisch project. Een muzische stage kan bijvoorbeeld het uitwerken van een muzisch project of het uitwerken van een pakket voor kinderen in een museum zijn.
  • Brusselstage of een stage in een school met veel diversiteit op gebied van nationaliteit, moedertaal en opleidingsniveau van de ouders.
  • Stage in een één-klassige school

Elke stageweek wordt voorafgegaan door minstens één observatiedag.

Wie de tweede stageweek loopt in het gewoon kleuteronderwijs moet tijdens de eerste stageweek een ander thema (BC) uitwerken dan tijdens de tweede stageweek van de actieve stage. Ook de thema’s bij de ingroeistage zijn verschillend aan de thema’s die tijdens de actieve stage werden uitgewerkt.

Van bij de start van de stage houdt de student zijn portfolio bij. 

Differentiatiestage: keuze voor versterken

Observatie en observatieschrift

De student observeert gericht en participeert waar mogelijk. Op een actieve manier wordt de beginsituatie van de klasgroep in kaart gebracht. Het is belangrijk dat de student hiertoe de nodige initiatieven neemt. 

De student voorziet een observatieschrift waarin hij tijdens de observatiedagen de nodige informatie verzamelt over de klaswerking, klasschikking, afspraken,…. Ook de observatiegegevens van de kleuters worden hierin neergeschreven. Door gerichte observatie worden deze gegevens, in de loop van de stage, aangevuld met nieuwe informatie. Hierdoor kan de student gerichte interventies plannen en voldoende differentiatie voorzien om zo de betrokkenheid en het welbevinden van de kleuters te stimuleren.

 

Keuze BC

In samenspraak met de mentor kiest de student het BC dat uitgewerkt zal worden.

 

Voorbereidende stappen, stagemap en agenda

Klik hier voor alle informatie!

 

Differentiatiestage: keuze voor verdiepen

Participerende observatie

De student observeert gericht en participeert waar mogelijk. Op een actieve manier wordt de beginsituatie van de klasgroep in kaart gebracht. Het is belangrijk dat de student hiertoe de nodige initiatieven neemt. De student dient zich zo goed mogelijk in te werken in de nieuwe stagecontext. Het inschatten van de beginsituatie in deze ongekende stagecontext is cruciaal.

Door overleg met de mentor dient de student zo goed mogelijk zicht te krijgen op de taken en verwachtingen voor de komende stageperiode.

 

Voorbereiding

Het is belangrijk dat de student zich grondig voorbereidt op de stagesituatie. Hij kan dit doen door opzoekwerk te doen, interessante boeken, artikels te lezen, zoveel mogelijk degelijke informatie te verzamelen en te verwerken. Dit dient hij toe te voegen in de stagemap.

Door overleg met de mentor dient de student een zicht te krijgen op wat verwacht wordt m.b.t. stagemap en agenda. 

Klik onderstaand op de keuzemogelijkheid voor de nodige informatie.

Differentiatiestage: keuze voor versterken

De student voert de voorbereiding zo goed mogelijk uit tijdens de realisatie en stuurt bij indien nodig.

 

Differentiatiestage: keuze voor verdiepen

De student voert de voorbereiding zo goed mogelijk uit tijdens de realisatie en stuurt bij indien nodig.

De differentiatiestage zorg en muzo zijn gekoppeld aan een gelijknamig keuzevak. De verantwoordelijke docent van dit keuzevak geeft richtlijnen i.v.m. de opdrachten van de stage in overleg met de stageplaats en student.

Contactpersonen

  • Zorg: Michèle De Groote
  • Muzo: Nele De Cock

Agenda

Vaak zijn hier aanpassingen nodig in functie van de specifieke aard afhankelijk van de keuzemogelijkheid. De student tracht zoveel mogelijk het gebruik van de agenda zoals dit gangbaar is in de stagecontext over te nemen.

Dagelijks zal de student ook reflecteren over zijn eigen handelen (zie portfolio), betrokkenheid van de kinderen (zie observatieschrift), het aanbod, specifieke zorgnoden bij kleuters. De reflecties worden beknopt uitgeschreven met aandacht voor actiegerichtheid. (korte analyse van de situatie of gebeurtenis – formuleren van hypothese i.v.m. oorzaken hiervan – plan van aanpak met gerichte interventies)

De agenda vormt de spil tijdens de stage. Meer informatie vind je terug bij ‘Actieve Stage: stageperiode 1’.

 

Portfolio

In het portfolio bepaalt de student zijn startcompetentie, zijn beginsituatie. De bedoeling is dat de student tijdens de stage verder werk maakt van het verwerven van de basiscompetenties. Aansluitend bij de eigen beginsituatie stippelt hij zijn persoonlijke groeilijn uit. Zo zet hij bewust sterktes in en creëert hij oefenkansen op zijn maat om zwaktes in evolutie te krijgen. Daartoe ontwerpt hij voor zichzelf een persoonlijk werkplan.

Tijdens deze differentiatiestage zal de aard van de geoefende basiscompetenties medebepaald worden door de eigenheid van de stageplaats. De bedoeling is dat de student zichzelf (onder begeleiding natuurlijk) doorheen de stages van het derde jaar stuurt naar een voldoende beheersing van alle basiscompetenties.

Het portfolio wil de student stimuleren tot zelfverantwoordelijk leren.

Meer uitgebreide informatie over het portfolio vind je bij ‘Actieve stage: stageperiode 1’